Nog meer tips

 

Hieronder vind je nog meer tips om met je tieners en jongvolwassenen om te gaan. Deze tips zijn ingegeven vanuit een christelijke levensvisie. Misschien vind je die zondermeer toepasbaar in je eigen situatie en levensbeschouwing. Misschien ben je het met sommige zaken helemaal niet eens. Of misschien zit je net in een situatie, waarin bepaalde tips echt niet kunnen worden toegepast.
Voel je vrij om deze tips naar eigen inzicht aan te passen.

 

Hoe begin je aan goede seksuele opvoeding?

 

Opdat een informatie waardevol (zinvol) zou zijn, moet ze een aantal kwaliteiten bezitten. Ze moet, verlangd, gewenst en verwacht zijn, d.w.z. dat ze moet beantwoorden aan de vraag van de jongeren.
Op 12-14 jaar bevinden kinderen zich in een evenwichtige periode, nog niet overmand door affectieve gevoelens. Ze zijn concreet, nieuwsgierig, positief. Men spreekt van volwassen kindsheid.
Ze verlangen een duidelijke uitleg, ook wat betreft de woordenschat. Hun nieuwsgierigheid moeten we als ouders helemaal bevredigen, zodat we niet vroegtijdig 'taboe'-onderwerpen voor hun puberteit maken.
De biologische basis van de vruchtbaarheid (man en vrouw, zwangerschap en geboorte) is een eerste vertrekpunt. Maar deze voorlichting is slechts een vertrekpunt. Daarop voortbouwend moeten we over het affectieve aspect van de seksualiteit spreken: de liefde. En het doel van de seksualiteit, de realisering van een kwaliteitsrelatie met de ander.

 

Wat betekent dat concreet voor 12-14-jarigen?

 

Concreet betekent dat drie zaken:
We kunnen hen bewondering bijbrengen voor het wonder van het leven.
We kunnen hen de liefde in het dagelijkse gezinsleven leren ontdekken.
We kunnen hen bewust maken dat ze het relationele, de openheid voor de ander reeds heel diep in hun vriendschappen beleven.

 

En wat betekent dat concreet voor onze pubers van 14 jaar en ouder?

 

Ook onze pubers kunnen we op deze drie vlakken verder begeleiden.
We kunnen hen de bewondering voor het wonder van het leven laten uitdiepen en in verband brengen met hun eigen lichamelijk ervaringen.
We kunnen hen - ondanks de onvermijdelijke apenjaren - blijven graag zien en hen bemoedigen. Ook al laten ze dit niet blijken, ze voelen zich hierin zeker gesterkt en bemind. We kunnen hen aanmoedigen om goede vriendschappen te sluiten en eventuele moeilijkheden, ruzies te helpen bijleggen.

 

Wij zijn zelf opgevoed in een periode waarin iedereen zijn mond vol had van de seksuele revolutie. Toch hebben we niet echt het gevoel dat we gelukkiger zijn dan onze ouders.

 

De voorbije decennia heeft de zogenaamde "seksuele revolutie" een hele generatie een schijnbaar gevoel van vrijheid en emancipatie gegeven.
In werkelijkheid is deze emancipatie vaak beperkt gebleven tot een dun laagje vernis, waardoor hooggespannen dieperliggende verwachtingen niet konden worden ingelost. Toonaangevende leiders uit die periode zoals de feministen Germaine Greer en Shere Hite hebben er in hun latere, minder bekende werken herhaaldelijk op gewezen. Deze hoge verwachtingen kunnen ons een gevoel van onbehagen geven, van falen in de eigen seksualiteitsbeleving, in de eigen relatie. De geschiedenis is een eeuwige slingerbeweging, een zoeken naar het juiste evenwicht, waarin we ons gelukkig voelen. Onze eigen frustraties, ons eigen falen, moeten we zelf zien te verwerken. We kunnen alleen trachten om ze onze kinderen zoveel mogelijk te besparen.
Perfect zal onze opvoeding wellicht niet zijn. We kunnen ons alleen gelukkig achten wanneer we onze kinderen een stuk liefde uitstralen en hopen dat ze die ook echt zo ervaren.

 

Hoe kunnen we onze kinderen het verschil tussen verliefdheid en liefde leren kennen?

 

Verliefdheid kan groeien tot liefde, maar heeft hiervoor tijd nodig. Dit is een heel moeilijke thematiek, omdat jongeren per definitie hierin nog geen ervaring hebben en in hun verliefdheid de echte liefde veelal nog niet herkennen.
U kunt sterke verhalen vertellen, bijvoorbeeld dat van jonge mensen die verliefd zijn en waarvan plots een partner na een zwaar ongeval totaal verlamd is. Hoe sterk is de liefde van de gezonde partner om toch een levenslang engagement aan te gaan. Dergelijke verhalen kunnen het verschil tussen verliefdheid en liefde concreet maken.
Help de jongeren omgaan met hun verliefdheid. Moedig ze vooral aan om veel met mekaar te praten, om echt verliefd te zijn. Dwing ze echter niet om te snel de stap naar de ware liefde te zetten, als ze er nog niet aan toe zijn. Ze moeten immers stilaan groeien naar liefde. Ook lichamelijk is het belangrijk om hen de tijd te gunnen en duidelijke grenzen te stellen, zodat ze niet ongewild in een verleidelijke en later betreurde situatie terecht komen.

 

Is het niet nodig om onze dochters anticonceptie te geven wanneer ze vaste verkering hebben?

 

Een van de meest voorkomende, maar ook omstreden, onderwerpen bij de seksuele opvoeding van jongeren is de anticonceptie of contraceptie. Ondanks de veelvuldige campagnes om een of andere vorm van anticonceptie te propageren, kent anticonceptie ook veel weerstand bij jongeren die een seksueel leven hebben.
Als ouders kunnen we niet weten wat er in de hoofden van onze kinderen omgaat en ook niet met zekerheid voorspellen wat zij zullen doen. Onze eerste opgave is om onze kinderen te leren zelfstandig en volwassen te worden op alle vlak. Dit doen we niet door rechtstreeks in te grijpen in het meest intieme van hun wezen, nl. hun vruchtbaarheid.

 

Als onze dochters een risiko lopen op zwangerschap, zijn we dan als ouders niet verplicht om hen de pil te geven?

 

Als we kijken naar de diepe betekenis van de seksuele gemeenschap, dan zien we dat ze de diepste tastbare uiting is van de liefde tussen man en vrouw. Deze liefde staat van nature open voor het nieuwe leven.
De pil is een hormonaal anticonceptivum dat de vruchtbaarheid tracht los te koppelen van de seksuele gemeenschap, waardoor men volop kan genieten zonder rekening te moeten houden met de mogelijke gevolgen.
Nochtans weten we heel goed dat geen enkel anticonceptivum 100% zeker is. Wil men die garantie, dan moet men ook abortus provocatus aanvaarden, wat echter een ernstige ingreep is met veelal zowel lichamelijke als psychische gevolgen.
Uiteindelijk biedt de pil vooral een vrijkaart voor de jongen, die het meisje meer en meer als lustobject zal gaan zien. Als ouders zijn we veeleer verplicht om onze dochters zoveel mogelijk te beschermen tegen het risiko van vroegtijdige seksuele gemeenschap.

 

Is het niet verstandig om - zeker op reis - steeds een condoom bij te hebben? Dit wijst toch op verantwoordelijkheidszin.

 

Jongeren beschouwen een condoom vaak als een vrijkaart om... te vrijen. Wie een condoom bij zich heeft houdt steeds rekening met de mogelijkheid om inderdaad seksuele gemeenschap te hebben. Zijn verantwoordelijkheidszin beperkt zich dan tot het voorkomen van een zwangerschap of van een SOA.
Zo'n jongere geeft geen blijk van een diepere verantwoordelijkheid tegenover de vrucht van een wederzijdse liefde, m.a.w. een volwassen verantwoordelijkheid tegenover een eventueel kind.

 

Moeten we, met het oog op de onrustwekkende verspreiding van aids, onze kinderen niet verplichten om condooms te gebruiken?

Deze tekst moet ervoor zorgen dat de tabel gerespecteerd wordt

Sinds het begin van de jaren 80 heeft aids enorm veel mediabelangstelling gekend, vooral omdat het een ziekte is die tot nog toe onherroepelijk dodelijk is. Er bestaan echter veel andere seksueel overdraagbare aandoeningen (SOA's) die nare gevolgen kunnen hebben en die meestal veel meer voorkomen dan aids. Zo kan een niet onderkende chlamydia-infectie bij de vrouw aanleiding zijn tot definitieve onvruchtbaarheid. De Nederlandse Stichting soa-bestrijding stelde in 1996 vast dat per jaar 60 000 nieuwe chlamydia-infecties optreden tegen slechts 500 HIV-infecties (aidsvirus). In Vlaanderen liggen de verhoudingen ongeveer gelijk. Condooms kunnen het gevaar op een infectie gevoelig verminderen. Zij kunnen echter nooit volledig tegen zwangerschap of SOA-besmetting beschermen. Condoomgebruik geeft jongeren (en volwassenen) het vals gevoel van veiligheid, terwijl we bijvoorbeeld weten dat de meeste abortussen net veroorzaakt worden door het falen van condooms.

 

Zal een jongen niet automatisch meer willen als hij geknuffeld wordt?

 

De lichaamstaal is inderdaad een heel dubbelzinnige taal. Daarom moeten jongeren vooral met mekaar leren praten. Als ouders moeten we onze kinderen minimale tips geven om deze lichaamstaal te begrijpen.
Jongens moeten weten dat meisjes graag knuffelen en hieraan enorme deugd beleven, zonder dat seksuele gemeenschap bedoeld is.
Meisjes moeten beseffen dat jongens veel meer genitaal gericht zijn en er van dromen om met een meisje te slapen. Ze moeten ook weten dat verkeidelijke kleding gevoelens wakker roept bij jongens en impliciet een uitnodiging tot meer bevat.

 

Als jongeren hun verantwoordelijkheid niet kunnen opnemen om anticonceptie te gebruiken, kunnen ze die dan wel opnemen om in onthouding te leven?

 

Zoals we eerder opmerkten is anticonceptiegebruik principieel tegennatuurlijk. Seksuele gemeenschap is biologisch en psychologisch een (pro)creatieve daad. Dit wordt door jongeren intuïtief aangevoeld. Anticonceptie aanbieden betekent dus tegelijk warm (seks is o.k.) en koud (maar het is gevaarlijk) blazen
Afzien van seksuele gemeenschap stelt deze ingrijpende ervaring uit naar een tijd waarin ze rijp zijn om die te beleven. Jongeren kunnen dit beter begrijpen als ze de draagwijdte en de betekenis van hun vruchtbaarheid inzien. Seks blijft o.k., maar op zijn tijd... en dan is het ongevaarlijk.

 

Stelt seksuele onthouding geen al te hoge eisen voor onze kinderen?

 

De mens is een ambivalent wezen. Enerzijds zijn we erop uit om het ons zo gemakkelijk mogelijk te maken. Dit zal zeker ook de eerste reactie zijn van de jongeren die we als ouders opvoeden.
Anderzijds hebben we pas echt deugd van iets, wanneer het van ons een zekere inspanning vergt. Een sportieve overwinning tegen een sterke tegenstander doet ons veel meer dan een overwinning tegen een zwakke beginneling. Jongeren verwachten van ons een duidelijke en verantwoorde visie, geen verboden zonder meer. Maar ze verwachten ook en vooral vertrouwen.

 

Vertrouwen stellen is mooi, maar moeten we geen rekening houden met de realiteit waarin we leven?

 

Mensen vertrouwen is een van onze moeilijkste opdrachten. En toch steunt heel de wereld op wederzijds vertrouwen. Het moeilijkst ligt dit wellicht bij kinderen die in volle ontwikkeling zijn en nog moeten leren leven als mensen in hun omgeving. Toch moeten we hen stilaan meer en meer vertrouwen schenken, met vallen en opstaan. Anders zouden ze nooit leren fietsen, alleen naar school gaan,... Jongeren hebben ook nood aan vertrouwen. Zij willen als jongvolwassenen erkend en gerespecteerd worden.
Vertrouwen wil echter niet zeggen, een onbeperkte vrijheid toekennen in de zin van "doe je zin maar". Vertrouwen schenken houdt ook een opdracht in, nl. vertrouwen dat de ander zich aan bepaalde afspraken houdt. Het beste lukt dat uiteraard wanneer je zelf een betrouwbaar persoon bent en dit concreet waar maakt.

 

Hoe kunnen wij, als gescheiden ouders, een voorbeeld bieden aan onze kinderen?

 

De echtscheiding van ouders tekent jongeren vaak en ontneemt hen het vertrouwen in de toekomst, in de échte liefde. Het komt er op aan deze jongeren te laten aanvoelen dat je hen écht bemint.
Een goed gesprek, de kans om verdriet, boosheid, machteloosheid te uiten, kan de poort openen naar een glimp van de oorspronkelijke liefde, waaruit het kind geboren werd. Het is belangrijk om wellicht ontstane haatgevoelens tegenover de partner niet langer meer te voeden.
Hoe moeilijk ook, alleen een verzoenende houding tegenover de vader of moeder van uw kinderen kan hen opnieuw vertrouwen schenken in het levengevende van de liefde.

 

Hoe leren we onze kinderen neen zeggen in bepaalde situaties?

 

Veel jongeren - en niet uitsluitend meisjes - gaan onder sociale of psychologische druk bepaalde toegevingen doen, waar ze dat eigenlijk niet wensen. Het is belangrijk om hen duidelijk ook "nee" te leren zeggen. Daarnaast is het belangrijk dat zij zich hierin gesteund weten, bijvoorbeeld door hun ouders. Daarom is ook het gesprek met ons, ouders heel belangrijk en waardevol.
Laat de jongere situaties zoeken waarin "nee" zeggen helemaal niet moeilijk is, en situaties waarin dit wel moeilijk is. Plaats die twee situaties naast mekaar en tracht samen tot verklaringen te komen. Waarschijnlijk heeft de jongere in de makkelijke situaties niets te verliezen, in de moeilijke situaties is het altijd een afwegen van voor- en nadelen, waarbij de jongere vooral moeilijkheden ondervindt om eventueel van de voordelen af te zien.

   
   
   
   
   
   
terug
naar boven